Een bijzonder programma, niet zozeer omdat we wederom in Harderwijk te vinden zijn. Vooral vanwege het feit dat er twee diners op één avond plaatsvinden. De reden? Wel, de twee restaurants, Bouillabaisse en Da Gabriele, hebben veel gemeen. Beiden bevinden zich op de Vischmarkt, en zijn eigendom van Nanja Smink. Bovendien kennen ze een vergelijkbaar prijsniveau, en richten ze zich op het middensegment. Tussen de locale eetcafé’s en sterrenzaken ’t Nonnetje en Basiliek dus. Het grote verschil zit hem in de stijl van de keuken. Da Gabriele is modern Italiaans, Bouillabaisse een klassieke Franse brasserie.
De start maken we bij Da Gabriele, dat een fraai interieur combineert met een prettige ambiance. Het restaurant is verdeeld over twee verdiepingen, waarbij de tafels op het hoogste niveau uitzicht hebben op een 'patio' in het centrale deel van de zaak. Drie gangen staan uitgeschreven. Na een krachtige tomatenbouillon met schuim van rucola als amuse, bestaat het eerste gerecht uit een combinatie van bospaddestoelen en pancetta op bladerdeeg, met opvallend goede aceto balsamico. Smaakvol en rustiek, maar wat lastig te degusteren door de presentatie. In het glas een Siciliaanse Inzola, die het zwaar heeft tegenover de diverse aardse smaken op het bord, waardoor aciditeit te prominent naar voren komt.
Over het hoofdgerecht zijn we zeer te spreken. Kundig gegaarde tonijnfilet met olijfolie, tomaat, kappertjes en olijven. De begeleidende saffraanrisotto is feitelijk overbodig bij deze variant op tonno puttanesca, die krachtige, heldere smaken combineert met een fijne cuisson. En ook over het dessert geen klachten, aangezien yoghurtijs met schuim van bloedsinaasappel en siroop van dragon licht, verfrissend en goed in balans was.
Daarmee is de tijd aangebroken om twee panden verderop een blik te werpen. Bij Bouillabaisse heerst een aangename bedrijvigheid, wat bewijst dat de locals dit restaurant goed weten te vinden. Een restaurant met een opvallende verschijning overigens, met name veroorzaakt door de felrode muren aan de rechterzijde. Met de amuse hebben we ditmaal enige moeite, aangezien de tomaten- en olijventapenade met opgeklopt ei te intens van smaak is zonder een neutraliserend element. De bisque van strandkrabben met Hollandse garnaaltjes is hierna prettig mild en romig, maar ondervindt evenals bij het zusterrestaurant moeite door de vineuze begeleider. De Beaujolais Blanc heeft feitelijk dezelfde reactie op het gerecht als de Inzola bij Da Gabriele: de zuren die niet in het gerecht aanwezig zijn, komen in de wijn bovendrijven.
Als pièce wordt kabeljauwfilet op een brandade van makreel gepresenteerd. Zeer royaal in portie, de garing zoals deze behoort te zijn. Het huidje wel iets te vettig, maar de brandade vormt een subtiele smaaktechnische aanvulling op het geheel. Het dessert is tenslotte in alle opzichten prima. Een ambachtelijk taartje van melkchocolade, waarbij ijs van stroopwafels.
Het was zodoende een avond vol impressies geworden, waarbij de overeenkomsten niet ophouden. Beide restaurants worden gesierd door een zeer vriendelijke, attente zwarte brigade, zijn ongedwongen qua ambiance en deze avond vrijwel volgeboekt. We zien iets meer ervaring in de bediening bij Bouillabaisse, maar Da Gabriele zet daar een constanter culinair niveau tegenover. Ook bij een ander feit houden de zaken elkaar in evenwicht, en dat is het gegeven dat de wijn-spijs aandacht kan gebruiken. De wijnen complementeren de gerechten te beperkt, en een verbetering op dit vlak kan beide restaurants naar een hoger plan tillen. Positieve notities worden dus afgewisseld met enkele kanttekeningen, wat niet afdoet aan de prettige insteek van het geheel. We belonen Bouillabaisse en Da Gabriele dan ook met hetzelfde cijfer: een 7.
Maurice van Bussel
5 t/m 11 maart
Restaurant Week | lees verder
Sinds 2001 recenseert Knoopjelos de Nederlandse restaurantwereld. Objectief, kritisch en genuanceerd, als bron van informatie voor consumenten en als klankbord voor restaurants.
|
“Leuk om te zien hoe jonge, frisse mensen tegen de gastronomie aankijken. Gedetailleerde beschrijvingen, maar zeker ook genieten. Ik kan er over meepraten; dat doen ze!” Ingrid van Eeghem, De Karpendonkse Hoeve |